Ik ben op sommige vlakken een grote perfectionist. Sommige mensen vinden dat vreemd omdat ik ook een ultieme chaoot en grote sloddervos kan zijn. Het zijn 2 kanten van mijn zelfde munt. Mijn georganiseerde versus chaotische kant behandel ik wel een andere keer. Deze keer gaat het over mijn perfectionistische kant. Mijn angst om iets mis te doen, de fout in te gaan en bijgevolg ook afgekeurd te worden.
Mildheid is een geweldig medicijn tegen angst voor fouten. Doe ik het wel goed als ouder? Is het wel ok als mijn kind zoveel schermtijd heeft? Is het fout dat mijn kind een heel kieskeurige eter is? Wat gaan de mensen van me denken als ik mezelf ben?
Naar mijn dochter toe heeft mildheid me geholpen heel veel los te laten. Veel stereotiepe verwachtingen rond kinderen, opgroeien, opvoeden en haar toekomst stonden een goede interactie tussen haar en de wereld maar ook haar en mij in de weg. Ik heb de laatste jaren gemerkt dat hoe meer ik met mildheid kan kijken naar wie ze is, wie ze echt is, hoe meer ik haar geweldigheid zie. Hoe meer zij zich kan ontspannen en hoe veel beter het met haar gaat. Hoe meer ik alles kan loslaten, hoe beter ik kan opkomen voor wat ze echt nodig heeft. Ondertussen zijn we een hecht en goedwerkend team. Ik leg haar vaak uit dat het helemaal ok is om fouten te maken want daar leer je juist uit. Want ik heb al vaak gemerkt dat de angst om iets niet helemaal juist te doen, haar tegenhoudt iets tout court te proberen. Ik hoop haar mildheid voor haarzelf te kunnen meegeven.
Maar naar mezelf toe… nou dat is een ander paar mouwen.
In mijn geval was het bijvoorbeeld de laatste maanden en dan vooral weken de angst om deze blog echt op te starten. Wat als ik niet continu geweldige stukken kan schrijven? Wat als ik helemaal niet zo’n geweldige schrijver ben? Wat voor vreselijke dingen gaan mensen allemaal van me denken en tegen me zeggen? Wat als het helemaal niets wordt?
Maar ook in het dagelijkse leven, vooral wanneer er (veel) stress aanwezig is, is dit een continu mijnenveld. Zo gauw ik me onder de mensen begeef of in interactie ga, is de angst daar. In mijn jobs was ik een keiharde werker. Ik werkte me kapot. Bang als ik was om niet goed genoeg te zijn. Na een gesprek kan ik mezelf uren, dagen, weken, maanden tot zelfs jaren later gek maken door het steeds opnieuw af te spelen om alle ‘fouten’ eruit te halen. Ik maak me continu zorgen over alles wat ik fout deed of zelfs maar mogelijk fout deed. Ik weet niet hoe het is voor andere mensen, voor neurotypische mensen. Vroeger, voor mijn diagnose vroeg ik me vaak af hoe iedereen erin slaagde daarmee om te gaan, om elke dag de dag door te komen want het is echt doodvermoeiend. Maar wellicht is het dus enkel bij neurodiverse mensen zo erg aanwezig. Wat niet wil zeggen dat mensen met een ‘normaal’ of misschien beter gezegd ‘gangbaar’ brein niet piekeren. Maar wellicht niet zo allesomvattend, alomtegenwoordig en totaal verlammend. (Ik weet het niet. Net zoals een neurotypische mens nooit in mijn brein kan kijken en het snappen, kan ik het omgekeerd ook niet). Wanneer het te erg wordt, valt alles gewoon stil. Val ik stil en krijg ik niets meer gedaan. En op zo’n momenten is mildheid een goed en zelfs broodnodig medicijn. Als ik dan de cirkel kan doorbreken door van mezelf te kunnen horen dat het ok is. Het is ok om fouten te maken. Het is ok om menselijk te zijn. Het is ok om anders te zijn. Het is ok om onzeker en angstig te zijn. Ook als ouder is het ok om fouten te maken. Het is zelfs gezond voor je kind om je fouten te zien maken. Want dan leert je kind dat het niet perfect hoeft te zijn. Dat fouten maken normaal en menselijk is. En jou te zien omgaan met het maken van fouten en eruit leren, is misschien wel één van de allerbelangrijkste lessen die je kinderen kunt meegeven.
Mildheid naar anderen, dat lukt me al een poos hoe langer hoe beter. Ieder heeft zijn eigen pad en verhaal en leeft dat naar beste vermogen. Maar mildheid naar mezelf, daar is nog veel werk aan. Maar ook daar wil ik in mildheid mee aan de slag.